


| Welcome to Bangladesh |
|
|
|
| woensdag 28 juli 2010 03:19 |
|
Zoals Sri Lanka de TukTuks heeft, kent Bangladesh de riksja's. Fietsen met een verlengstukje die dienstdoen als taxi. Met een knaap die zich helemaal het op-en-neer fietst en je daar brengt waar je wezen moet...of in mijn geval natuurlijk: in de buurt van waar je wezen wilt. Het duurde even voordat ik het aandurfde en dus heb ik mijn eerste ontdekkingstocht lopend ondernomen. Eerst maar eens kijken hoe dat hier allemaal gaat. Mijn toch leidde me naar een lange weg (ik geloof dat het Gulshan road of Gulshan Boulevard heet) die halverwege werd onderbroken door een groot plein met heel veel winkeltjes. De meeste waren nog dicht, want het was nog vroeg. Even kijken hier en even kijken daar. De sfeer proeven en de mensen bekijken. Na twee uur had ik het wel gezien en besloot ik terug te gaan. Zwerfkindjes
Enfin. Het lukt me tot vier keer toe "no" te zeggen tegen verschillende kindjes die mij om een bijdrage in het levensonderhoud vroegen. En met elke 'no' begon ik me steeds ellendiger te voelen..... Na zwerfkindje nummer 4 ben ik een bank binnengelopen en heb daar een briefje van 100 Taka gewisseld. Mezelf voorgenomen dat ik vanaf dat moment elk kindje 10 taka zou geven en dat ze dan maar weg moesten gaan. (gevoel doet soms rare dingen met mensen). Overigens honderd taka is ongeveer 80 eurocent ofzoiets. Ik hou van afronden, dus ik reken voor het gemak 100 taka = 1 euro. Nog geen tien meter buiten de bank werd ik op de proef gesteld. Een klein manneke (Mohamed bleek zijn naam te zijn) kwam naast me lopen en gaf aan (handje op, ogen in de treurigste blik) dat 'ie honger had. In mijn broekzak had ik het stapeltje van 10 briefjes en subtiel haalde ik daarvan 1 van het opgevouwen stapeltje. Ik gaf het manneke het briefje een aai over z'n bol en vervolgde mijn weg.... Tien meter later merkte ik dat ik inmiddels niet meer alleen liep. Twee kleine meisjes en een nog kleiner jongetje hadden zich naast mij gevoegd. "Hungry" was hun mededeling. Mijn gulle gift aan Mohamed was blijkbaar niet ongemerkt gebleven. In dit tempo zou mijn stapeltje wel heel snel slinken. Mijn verstand besloot op dat moment even zaken op orde te stellen en wees me de richting naar een fruitstalletje, alwaar ik een appel kocht (voor mijzelf) en een tros bananen. Na afgerekend te hebben (70 taka) vroeg ik de man de bananen te verdelen onder de inmiddels 8 kinderen die zich rond mij hadden geschaard. Na zijn akkoord vervolgde ik mijn weg zonder om te kijken hoe dat zou aflopen. Na een meter of 50 zag ik vanuit mijn ooghoek dat ik opnieuw gezelschap had. Mohamed had goed in de gaten dat deze lange blanke man een wel erg makkelijke prooi was en was blijkbaar van mening dat ik nog wat meer vaardigheid moest ontwikkelen ten aanzien van 'het omgaan met kinderen die bedelen'. Het duurde ongeveer een half uur eer ik in de buurt van de Nederlandse club was aangekomen (verdwaald natuurlijk) en al die tijd bleef Mohamed trouw naast me lopen. Een enkele keer iets brabbelend in de Bengaalse taal. Een taal waar ik uiteraard na 1 dag nog geen snars van begrijp. Al was mij zijn bedoeling wel duidelijk. Ik deed mijn best hem zoveel als mogelijk te negeren. Wat moest ik anders? Ik wist het niet en weet het eigenlijk nog steeds niet. Na een halfuurtje, besloot ik dat ik het zat was en dat ik zo snel als mogelijk de veiligheid van de Nederlandse club wilde opzoeken om daar in alle rust mijn wonden te likken. Ik sprak de eerste de beste riskjaknaap aan en vroeg of 'ie wist waar de Nederlandse club was. Dat wist 'ie en het zou me 100 taka kosten. Ik was blij dat ik iemand gevonden had die de Club kon vinden, maar aangezien 10 of 20 taka (was mij verteld) voldoende zou zijn, stak ik 5 vingers in de lucht: "fifty". Dat was (natuurlijk) O.K. Stukje humor. Na een straatje van 15 meter en een bocht waren we bij de Nederlandse Club. Kijk, dat zijn nou de dingen die het leven leuk maken. Ik gaf de knaap 50 taka en terwijl ik uitstapte struikelde ik bijna over een klein joch dat naast de riskja stond. Ik heb steeds het gevoel gehad dat ik het hier enorm naar mijn zin ga hebben. En dat gevoel is er nog steeds. Komende weken zal ik zeker mijn eigen weg vinden in het omgaan met kinderen zoals Mohamed. Maar dat me dat niet gemakkelijk zal afgaan....is na vandaag wel duidelijk. |
“De dwaas doet wat hij niet laten kan, de wijze laat wat hij niet doen kan.”